Luka Handboek - Nederlandse vereniging van Luchtkanalenfabrikanten

[3.2.3] Koeler voor kanaalinbouw

Functie
Een koeler voor kanaalinbouw, of kanaal-/nakoeler, wordt toegepast in een luchttransportsysteem om lucht te koelen. De energie-overdracht vindt plaats
door middel van koud water.

Materiaalkwaliteit en -diktes
Voor normale comfortventilatie worden koelers voor kanaalinbouw vervaardigd uit de volgende materialen:
-- Omkasting: sendzimir verzinkt staal of Alu-zink plaatmateriaal;
-- Koelelement:
• Pijpen: koper
• Lamellen: aluminium;
-- Condensopvangbak: roestvast staal.

Koelers dienen te worden voorzien van een druppelvanger en een lekbak, met een voorziening voor condensafvoer met tussenschakeling van een sifon en met voldoende hoogte om het optredende drukverschil te compenseren. Tevens dient de afvoerleiding te worden voorzien van een drukloze afvoer. Andere materiaalkeuze, afhankelijk van de toepassing, in overleg met de leverancier.

Verbindingen
De kanaalkoeler is verkrijgbaar met ronde en rechthoekige verbindingen.

Afmetingen
De verkrijgbare nominale afmetingen van de tussengebouwde koelers zijn gestandaardiseerd naar NEN-EN 1505 (rechthoekige aansluitingen) en NENEN 1506 (ronde aansluitingen) en kunnen worden gekozen als aangegeven in de tabellen voor standaardafmetingen, zoals vermeld in dit handboek onder hoofdstuk 2.1.1.6 (rechthoekige aansluitingen) en 2.1.3.6 (ronde aansluitingen). Ze hebben betrekking op de inwendige afmetingen met een tolerantie van +0 tot -5 mm. De afmetingen zijn afhankelijk van het fabricaat.

Inspectiemogelijkheden
Het moet altijd mogelijk zijn om tussengebouwde kanaalkoelers te inspecteren op lekkages en vervuiling. Daarvoor dient de koeler te zijn voorzien van een afneembare inspectiedeksel. Deze deksel is luchtdicht op de behuizing bevestigd. Deze biedt toegang tot beide zijden van de batterij, alsmede de condens opvangbak.

Montagevoorschriften
Kanaalkoelers dienen te worden gemonteerd conform de voorschriften van de fabrikant. Indien aanwezig en deze minimaal voldoen aan de eisen volgens paragraaf 3.1.4.

De kanaalkoeler kan, in verband met condensafvoer, uitsluitend in horizontale luchtstromen worden toegepast. Hiertoe is de koeler uitgevoerd met een roestvast stalen condensopvangbak. Er dient rekening te worden gehouden met een minimale afstand van of naar een bocht, ventilator, klep, etc. Bij rechthoekige koelers wordt een minimale afstand van 1 x de diagonale kanaalafmeting geadviseerd. Bij ronde koelers wordt hiervoor een minimale afstand van 2 x de aansluitdiameter geadviseerd.

Duurzaamheidsaspecten
Ingebouwde koelers met ronde aansluitingen zijn efficiënter aan te sluiten op de luchtkanalen dan koelers met rechthoekige aansluitingen en leveren een
bijdrage aan de luchtdichtheid van het luchtkanaalsysteem, indien deze appendages voldoende luchtdichtheid bezitten volgens NEN-EN 15727.